Iedereen racist!

Allochtonen zijn racistischer dan autochtonen“, aldus prof. dr. Alain van Hiel in zijn nieuwe boek. Lees meer over het boek ONDER de video. BEKIJK hoe racistisch allochtonen daadwerkelijk zijn in deze video:

In het diepst van onze gedachten zijn we allemaal racist, meent sociaal psycholoog Alain Van Hiel. In zijn nieuwe boek wil hij ons waarschuwen voor al te optimistische verwachtingen. ‘Er is niet minder racisme dan vroeger. Het is gewoon heimelijk geworden.’ Want of we het nu willen of niet, we discrimineren allemaal. ‘Onverdraagzaamheid en racisme hebben altijd bestaan en zullen blijven bestaan. Wie zegt dat hij zelfs onbewust geen negatieve emoties heeft over andere groepen, maakt zichzelf iets wijs. Samenleven met mensen van andere culturen is nu eenmaal niet vanzelfsprekend.’

Zijn zulke mechanismen verstandig voor een soort die probeert te overleven in de natuur? ALAIN VAN HIEL: Er zijn veel voordelen aan groepsvorming. Duizenden jaren geleden was het veel slimmer om in zo’n groep te zitten, als je je genetisch materiaal wilde doorgeven. Het is veiliger, je komt makkelijker aan eten, en seks is toch ook iets aangenamer in gezelschap dan wanneer je helemaal op jezelf aangewezen bent. (lachje) Maar die groepsvorming gaat gepaard met vooroordelen over andere groepen. Vandaag houdt dat geen steek meer. Om de rust te bewaren hebben we er juist belang bij om die neiging te onderdrukken. Alleen kun je processen die duizenden jaren geleden ontstaan zijn niet in honderd jaar beschaving van je afschudden.

Sinds enkele jaren leeft het debat over racisme weer op. Is racisme terug van weggeweest? VAN HIEL: Nee, het grove, expliciete racisme is doorheen de tijd fors afgenomen. Het wordt steeds zeldzamer dat iemand ‘makak’ of ‘vuile neger’ roept naar een anderskleurige. Er is in ons land steeds minder tolerantie voor zulke uitlatingen. Ook politici die racistische praat verkochten, hebben veel van hun pluimen verloren. Dat wil niet zeggen dat de samenleving minder racistisch is geworden, maar de uitingsvorm is anders.

Wat is er dan wel veranderd? Het heeft weinig zin om een blanke man als ik te fouilleren als je jihadisten probeert op te sporen.
VAN HIEL: Het is een verschuiving. We hebben het afgeleerd om grove taal te gebruiken. We zeggen niet meer: ‘Ik heb een hekel aan vreemdelingen.’ We zeggen het liever subtieler: ‘Ik heb eigenlijk niet zoveel sympathie voor allochtonen.’ Dat klinkt iets anders, maar het betekent gewoon hetzelfde.

U maakt het verschil tussen grof en heimelijk racisme. VAN HIEL: Veel van dat heimelijke racisme gebeurt vrij onbewust. Een voorbeeld is dat experiment van Sunny Bergman. De klassieke proef bestaat uit een test waarbij je namen als Johan en Mohammed moet verbinden met begrippen zoals ‘sympathiek’. Bij zulke tests merken we dat we langer aarzelen om Mohammed met positieve kwaliteiten te associëren dan Johan. Dat gaat zeer ver. Uit Amerikaans onderzoek blijkt dat zelfs Afro-Amerikanen sneller een blanke persoon met positieve kwaliteiten associëren dan een zwarte. Terwijl ze zelf aangeven dat ze liever met zwarten dan met blanken omgaan.

Kun je zulke reflexen uitschakelen? VAN HIEL: Je kunt jezelf oefenen, zodat je ook Mohammed met positieve eigenschappen leert verbinden, maar helemaal uitschakelen lijkt me heel moeilijk. Als je op de tram stapt en in een seconde tijd moet kiezen waar je gaat zitten, neem je vaak plaats naast een persoon die tot jouw groep behoort. De meeste mensen denken daar zelfs niet bij na. Het werkt trouwens evengoed in de andere richting.

U schrijft zelfs dat allochtonen racistischer zijn dan autochtonen. VAN HIEL: Inderdaad. Daar zijn verschillende redenen voor. Eerst en vooral is de onderlinge samenhang in migrantengemeenschappen veel hechter. Als je ervaart dat je eigen groep een minderwaardige positie heeft in de samenleving zal de neiging om je af te zetten van de dominante groep veel groter zijn. Er zijn ook culturele verschillen: veel migranten komen uit maatschappijen waar er minder politieke correctheid is en je dus makkelijker vooroordelen kan uiten. In veel Arabische landen is het doodnormaal om te zeggen dat alle Joden slecht zijn. Wanneer migranten uit zulke landen naar hier komen, nemen zij die attitudes mee en geven ze die ook door aan de volgende generaties.

Kijken wij anders naar verschillende migrantengroepen? VAN HIEL: Vooroordelen zijn doorgaans niet gericht tegen een specifieke groep. Racisten discrimineren niet alleen Turken of Marokkanen, maar ook groepen als Bulgaren. Ze hebben die negatieve houding vaak ook tegenover holebi’s en zelfs gehandicapten.

Nu de Brusselse luchthaven heropend is, mag de politie selectief verdacht ogende personen controleren. Is zo’n vorm van racial profiling voor u racisme? VAN HIEL: Het is veeleer discriminatie, want je maakt onderscheid op basis van de bevolkingsgroep waaruit iemand afkomstig is. In het alledaagse politiewerk is racial profiling onverstandig, maar in het geval van de luchthaven is het op z’n minst begrijpelijk. Het heeft weinig zin om een blanke man als ik te fouilleren als je jihadisten probeert op te sporen.

Volgens Vlaams minister van Inburgering Liesbeth Homans (N-VA) doet Vlaanderen genoeg zijn best om allochtonen vooruit te helpen. VAN HIEL: Ze vond dat allochtonen te veel gepamperd worden. Daar ben ik het niet helemaal mee eens. Ik vind dat we iederéén te veel pamperen. Wij leggen de lat voor iedereen veel te laag. We mogen best meer eisen stellen. Zolang onze uitgebreide sociale zekerheid in uitwijkmogelijkheden voorziet, raken de zwaksten in de samenleving sneller gedemotiveerd. Ze haken af wanneer ze slechte ervaringen op de arbeidsmarkt hebben. Ze stellen zich te snel tevreden met hun slechte maatschappelijke positie, omdat ze denken dat er hier toch geen kansen voor hen zijn weggelegd. Homans’ reflex is typisch voor hulpgedrag: we zien dat de geholpene er niet merkbaar op vooruitgaat, en dus worden we boos op de geholpene.

Er wordt ter rechterzijde weleens getreurd dat links nog altijd het multiculturele debat domineert. Vindt u dat ook? VAN HIEL: Mensen die kritische opmerkingen maken over de multiculturele samenleving zeggen altijd dat het moed vergt om in te gaan tegen de politieke correctheid. Maar ze doen het toch. Ik heb niet de indruk dat mensen die de multiculturele samenleving problematiseren een spreekverbod hebben. Iedereen zegt steeds hetzelfde, niemand luistert naar elkaar. Terwijl de consensus onder de bevolking groot is. De meeste mensen zijn ervan overtuigd dat integratie belangrijk is. Laten we daar dan werk van maken. En de meeste mensen vinden massamigratie geen goed idee. Temper dat dan even.

Ook nu, te midden van de vluchtelingencrisis? VAN HIEL: Als we nu in groten getale mensen toelaten, zal de integratie alweer ontzettend moeilijk zijn. Dan kan iemand over vijftig jaar hetzelfde boek schrijven als ik, en exact dezelfde problemen vaststellen. Ik ben gelukkig geen politicus: ik hoef de afweging niet te maken tussen het beschermen van vluchtelingen en het beschermen van onze sociale cohesie. Want een toename van allochtonen doet de sociale cohesie in een samenleving nu eenmaal afnemen. Dat weten we uit een onderzoek van Robert Putnam, een gerespecteerde socioloog die tegen zijn zin moest besluiten dat diversiteit het vertrouwen in elkaar doet afnemen.

Hoe moet de overheid daarop inspelen? VAN HIEL: In de VS komen getto’s veel meer voor dan in Europa, en mensen staan er minder negatief tegenover. Ze zien het zelfs als iets positiefs want dan zijn ze van de overlast af: mensen mijden gewoon de getto’s. In Europa ligt het anders. Wij proberen gettovorming te vermijden. Alleen kun je hier niet zo eenvoudig ingrijpen in het woonbeleid.

BRON (bepaalde gedeelten hebben we weggelaten, dit is een interview met een Belgische wetenschapper in een Belgisch blad, daar sommige voorbeelden specifiek op de Belgische samenleving slaan).

1 thought on “Iedereen racist!”

Rood, wit en blauw zijn de kleuren waarvan ik hou!