Gedrocht van raadgevend referendum

‘Dit gedrocht van een raadgevend referendum werkt niet’

Misschien dat je na vandaag het woord niet meer kan horen: referendum. Maar waarschijnlijk zullen er meer volgen. Hoe nu verder met de referenda?

Marcel Boogers heeft zijn bedenkingen bij het raadgevend referendum. De hoogleraar Innovatie en Regionaal Bestuur aan de Universiteit Twente noemde het eerder al “een gedrocht van een wet”. Die mening heeft hij na gisteren niet bijgesteld.

Het is vooral de kiesdrempel van 30 procent die Boogers dwarszit. Het lokt volgens hem strategisch kiesgedrag uit. “Ja-stemmers zullen zich voor hun kop slaan dat ze zijn gaan stemmen”, zegt Boogers. “Als ze allemaal thuis waren gebleven was de drempel niet gehaald en hadden ze hun doel bereikt. Je hebt nu een extra optie gecreëerd voor voorstanders: thuisblijven. Dat is onwenselijk.”

Uitslag referendum:
– 32,2 procent van de kiesgerechtigden heeft gestemd
– 61,1 procent stemde tegen het verdrag
– 38,1 procent stemde voor het verdrag

Bekijk hier hoe er in jouw gemeente is gestemd.

Wim Voermans, hoogleraar staatsrecht aan de Universiteit Leiden, is het met hem eens. “Een opkomstdrempel van 30 procent hoort bij een referendum dat bindend is. Bij een raadgevend referendum heeft dat geen enkele zin.”

Bovendien zijn de percentages op verschillende manieren te interpreteren, zegt Boogers. “Je kunt ook zeggen: twee derde is thuisgebleven. Als zij bezwaren hadden, hadden ze wel tegengestemd. Het geeft de regering de ruimte om het verdrag grotendeels naast zich neer te leggen. Ik verwacht dat Rutte dat zal doen.”

Hoe loopt dit dan af?

Boogers verwacht dat de Europese Commissie nog een keer zal roepen dat Oekraïne écht geen lid zal worden van de EU. Rutte zal op zijn beurt precies dat benadrukken tegenover de kiezers, zegt Boogers. “Dan kan Rutte uitleggen: kijk eens jongens, we hebben de uitslag serieus genomen. En dan zal dat associatieverdrag er dus gewoon komen.”

Een alternatief voor de opkomstdrempel van een raadgevend referendum is volgens Boogers een gekwalificeerde meerderheid. In dat geval is een referendum pas geldig als voor- of tegenstanders minimaal 25 procent van de kiezers aan zich weet te binden als ze de meerderheid hebben. Boogers: “Dan weet je dat zowel voor als tegenstanders enorm hun best moeten doen om kiezers te winnen. Nu is er rustig campagne gevoerd, in de hoop dat de opkomst zo laag mogelijk zou zijn.”

Wytze van der Woude, hoofddocent staatsrecht van Universiteit Utrecht, noemt in Nieuwsuur een ander nadeel van de huidige referendumopzet. Hij ziet liever niet dat een referendum wordt gekoppeld aan een onderwerp dat toevallig door de Eerste Kamer en Tweede Kamer wordt behandeld, zoals nu de bedoeling is.

Als iemand zelf de vraag mag bedenken, heb je iets waar mensen echt mee zitten.

Wytse van der Woude

“Ik denk dat het goed is om naast deze referendumvariant een andere te hebben, waarbij mensen zelf met een vraag kunnen komen en daarvoor voldoende handtekeningen kunnen verzamelen”, zegt Van der Woude. “Dan weet je in ieder geval zeker dat als die drempel wordt gehaald, je een vraag hebt waar mensen echt mee zitten.”

TTIP de volgende?

Niesco Dubbelboer staat al in de startblokken voor het volgende referendum. Hij is oud-Tweede Kamerlid van de PvdA en nu coördinator van de beweging Meer Democratie. Hij stond aan de wieg van het wetsvoorstel voor het raadgevend referendum. Dubbelboer wil dat er eind dit jaar of begin volgend jaar een referendum wordt afgedwongen over CETA en TTIP, twee handelsverdragen die de EU en dus Nederland wil afsluiten met Canada en de Verenigde Staten.

TTIP: het grootste handelsverdag van Europa

Dubbelboer heeft naar eigen zeggen inmiddels met een petitie 67.000 handtekeningen verzameld. “We willen eind dit jaar klaarstaan om daar een referendum over te organiseren, mits CETA niet drastisch verandert.”

Rood, wit en blauw zijn de kleuren waarvan ik hou!